Hij staat op de plank boven de espressomachine, rood emaille met witte stippen, een schilfer uit de tuit en een handvat omwikkeld met oud touw. Hij was van mijn oma, Halina, en het is de ketel uit onze naam.
Water op voor elke bezoeker
Babulya Halina woonde in een dorp buiten Pinsk, in de moerassen van het zuiden van Belarus. Haar huis had een houtkachel, een put op het erf en een bankje bij de deur waar de buren 's avonds zaten.
De ketel woonde op de kachel. Wie er ook binnenkwam, de postbode, een neef, ik als achtjarige met modder tot aan mijn knieën, ze vulde hem nog voordat ze hallo zei. Tegen de tijd dat je laarzen uit waren, kookte het water bijna.
De jam kwam uit de kelder in een pot met een doek erover: kersen in de zomer, zwarte bessen tegen de winter. Niemand verliet haar keuken binnen het uur, en niemand ging met honger weg. Mijn opa zei dat de ketel meer water had gekookt dan de Pina langs Pinsk voerde.
In het voorjaar en het najaar trokken de kraanvogels over het dorp, honderden tegelijk, roepend. Dan bleef ze staan met de ketel in haar hand en wachtte tot ze voorbij waren.
Eerst thee, dan koffie
In een Belarussische keuken krijg je eerst thee aangeboden. Zwart, sterk, in een glas, met een lepel kersenjam op een schoteltje ernaast en iets op een bordje waarvan wordt verwacht dat je het opeet. Koffie kwam later in mijn leven, in Minsk, via een collega met een handmolen.
Zo denk ik ook over het café. Voor alles moet iemand merken dat je binnen bent gekomen en iets warms voor je neerzetten.
Daarom is de machine het eerste wat Ade om 7:00 aanzet, zodat er heet water is voordat er iemand te bedienen valt.
Hoe hij in Amsterdam belandde
Halina overleed in 2019. Mijn moeder gaf me die zomer de ketel, omdat ik altijd degene was die bij de kachel zat te kijken. Toen ik in januari 2021 naar Amsterdam verhuisde, reisde hij mee in mijn koffer, gewikkeld in een trui, tussen een laptop en een zak gedroogde paddenstoelen.
Drie jaar stond hij op een plank, eerst in mijn appartement en daarna in het onze. Toen we opengingen, zei Inés dat hij moest staan waar iedereen hem kon zien. Ze had gelijk. Het is het eerste waar nieuwe mensen naar vragen, en die vraag wordt meestal een verhaal over hun eigen oma.
Ze vulde de ketel nog voordat ze hallo zei.
Op zondag schenken we nu losse thee uit een theeurn in samovarstijl, zwart en sterk, met jam ernaast. Kom een glas drinken. Halina zou de urn hebben goedgekeurd, en ze zou ons hebben gezegd dat we hem eerder moesten vullen.
Maksim, achter de brander

5 comments